Outlook 2010 logo  Outlook 2010 en sneltoetsen 

  Al in de allereerste versies van Office en Outlook waren er sneltoetsen aanwezig.
  Dat beperkte zich eerst tot wat Alt+Functietoetsen, waarvan de helft ook nog eens
  één op één gekopieerd was van een pakket als WordPerfect. Met de komst van de
  nieuwere office versies en de toename van het aantal functies ( het Lint ) is ook het
  aantal sneltoetsen behoorlijk toegenomen. Deze zullen ook wel nooit verdwijnen, vanwege
de angst voor claims m.b.t. RSI. Microsoft zal dus altijd de snelkoppeling in de Office Suites behouden.

Onderstaand een overzicht van de nu bekende beschikbare snelkoppelingen in Outlook 2010..

 

Microsoft Outlook 2010 Sneltoetsen overzicht

 

CTRL+1: Wissel/spring naar de Mail.
CTRL+2: Wissel/spring naar de Kalender.
CTRL+3: Wissel/spring naar de Contacten..
CTRL+4: Wissel/spring naar de Taken.
CTRL+5: Wissel/spring naar Notities.
CTRL+6: Wissel/spring naar Folderlijst in de Navigatiebalk.
CTRL+7: Wissel/spring naar Snelkoppelingen.
CTRL+PUNT: Wissel/spring naar het volgende bericht (met meerdere berichten open dus, anders werkt het niet).
CTRL+KOMMA: Wissel/spring naar een eerder bericht (met meerdere berichten open dus, anders werkt het niet). 
CTRL+SHIFT+TAB of SHIFT+TAB: Wissel tussende Navigatiebalk, hoofd Outlookscherm, het leesscherm en de To-Do Balk.
CTRL+TAB: Blader door de Berichten headers regels in de Navigatiebalk of door een open bericht.
Pijltjes toetsen: Blader snel door de Navigatiebalk heen..
ALT+B of ALT+LINKER PIJL: Ga naar de vorige view in het Outlook hoofdscherm.
CTRL+Y: Ga naar een andere folder toe.
F3 of CTRL+E: Wissel/spring naar de gereserveerde Search box bovenin het scherm.
ALT+PIJL OMHOOG of CTRL+KOMMA of ALT+PAGE UP: In het berichten Leesscherm ga naar de vorige mail.
SPACEBAR: In het Leesscherm(Reading Pane) of PAGE DOWN om door de tekst te bladeren.
SHIFT+SPACEBAR: In het leesscherm(Reading Pane) of PAGE UPom door de tekst te balderen.
ALT+RECHTER PIJL: Ga vooruit naar de volgende view in het Outlook hoofdscherm.
CTRL+SHIFT+I: Wissel/spring naar je inkomende mail (Inbox).
CTRL+SHIFT+O: Wissel/spring naar de uitgaande mail (Outbox).
CTRL+K: Controleer de ingegeven namen.
ALT+S: Verzenden ( van een bericht of agendaverzoek ).
CTRL+R: Beantwoord (Reply) op een mailbericht.
CTRL+SHIFT+R: Beantwoord iedereen (Reply to all) op een mailbericht.
CTRL+ALT+R: Beantwoord (Reply) met een agenda verzoek.
CTRL+F: Doorsturen (Forward) van een mailbericht.
CTRL+ ALT+J: Markeer een bericht als zijnde geen "junk" mail.
CTRL+SHIFT+I: Toon alle "Geblokkeerde externe Content" in een mailbericht.
CTRL+ SHIFT+S: Stuur bericht naar een map.
CTRL+SHIFT+N: Pas de als normaal ingestelde Stijl toe.
CTRL+M of F9: Handmatige opdrachten om te kijken of er nieuwe berichten zijn.
PIJL OMHOOG: Ga naar het vorige bericht.
PIJL OMLAAG: Ga naar het volgende bericht.
CTRL+N: Maak een nieuw mail bericht aan ( moet je wel in het mail gedeelte staan ).
CTRL+SHIFT+M: Maak een nieuw mail bericht aan ( vanuit elke positie in Outlook 2010 ).
CTRL+O: Open een ontvangen mail bericht.
CTRL+SHIFT+D: Verwijder (Delete) en negeer een conversatie.
CTRL+SHIFT+B: Open het Adresboek.
INSERT: Voeg een "Vlag" opvolginsmelding toe aan een ongeopend bericht.
CTRL+SHIFT+G: Toon het dialoog venster voor "Vlaggen" en "Opvolging".
CTRL+Q: Markeer als gelezen.
CTRL+U: Markeer als ongelezen.
CTRL+SHIFT+W: Open de "Mail Tip" in de geselecteerde mail.
ALT+ENTER: Geef de eigenschappen van het geselecteerde item weer.
CTRL+SHIFT+U: Maak een nieuw multimedia bericht.
CTRL+SHIFT+T: Maak een nieuw tekst bericht aan.
CTRL+ALT+M: Markeerom te downloaden.

CTRL+ALT+U: Verwijder de download markering.
F9: Verzenden en ontvangen van berichten ( buiten de regulier ingestelde tijden ).
CTRL+B (wanneer verzenden/ontvangen loopt): Geef de Verzenden/Ontvangen informatie weer.
CTRL+SHIFT+D: Maak een nieuwe uitgaande (in)bel verbinding aan.
F3 of CTRL+E: Zoek een contact of een ander item (algemene Search/Zoek functie).
F11: Wissel/spring naar het venster Naamzoeken in het Contacten/Adresboek scherm.
SHIFT+letter: In de Tabel- of Lijstscherm binnen de Contacten, spring naar het 1e contact met die letter.
F5: Werk de lijst van distributielijst leden direct bij.
CTRL+Y: Ga naar een andere map toe.
CTRL+SHIFT+B: Open het Adresboek.
CTRL+SHIFT+F: Gebruik geavanceerde zoek functies.
CTRL+SHIFT+PUNT: Open vanuit een openstaand contact, het volgende contact in de lijst.
F11: Zoek naar een contactpersoon.
ESC: Sluit een contactpersoon af, zonder te bewaren.
CTRL+SHIFT+X: Stuur een faxbericht naar deze contactpersoon.
CTRL+N: Maak een nieuwe afspraak (als je in de Kalender staat ).
CTRL+SHIFT+A: Maak een nieuwe afspraak ( vanuit elke positie in Outlook 2010).
CTRL+SHIFT+Q: Maak een nieuw afspraakverzoek.
CTRL+F: Stuur een afspraak door.
CTRL+R: Antwoord op een afspraakverzoek met een nieuw bericht.
CTRL+SHIFT+R: Antwoord iedereen vanuit een afspraakverzoek met een mailbericht.
ALT+0: Laat 10 dagen in de kalender zien.
ALT+1: Laat 1 dag in de kalender zien..
ALT+2: Laat 2 dagen in de kalender zien.
ALT+3: Laat 3 dagen in de kalender zien.
ALT+4: Laat 4 dagen in de kalender zien.
ALT+5: Laat 5 dagen in de kalender zien.
ALT+6: Laat 6 dagen in de kalender zien.
ALT+7: Laat 7 dagen in de kalender zien.
ALT+8: Laat 8 dagen in de kalender zien.
ALT+9: Laat 9 dagen in de kalender zien.
CTRL+G: Wissel/spring naar een datum.
ALT+= of CTRL+ALT+4: Wissel/spring naar maandovericht in de kalender.
CTRL+RECHTER PIJL: Ga naar de volgende dag.
ALT+PIJL NAAR BENEDEN: Ga naar de volgende week.
ALT+PAGE DOWN: Ga naar de volgende maand.
CTRL+LINKER PIJL: Ga naar de vorige dag.
ALT+PIJL OMHOOG: Ga naar de vorige week.
ALT+PAGE UP: Ga naar de vorige maand.
ALT+HOME: Ga naar het begin van de week.
ALT+END: Ga naar het einde van de week.
ALT+MIN TEKEN of CTRL+ALT+3: Wissel naar volledige week weergeven.
CTRL+A: Selecteer alle contacten.
CTRL+F: Maak een bericht met het geselecteerde Contact als onderwerp.
CTRL+J: Maak een Journaalregel voor het geselecteerde contact.
CTRL+N: Maak een nieuw contact aan (als je in Contacten staat).
CTRL+SHIFT+C: Maak een nieuw Contact aan (vanuit elke positie in Outlook 2010).
CTRL+O: Open het contactformulier voor het geselecteerde Contact.
CTRL+SHIFT+L: Maak een nieuwe distributielijst aan.
CTRL+P: Open het Print dialoogvenster.
CTRL+ALT+2: Wissel naar werkweek scherm in kalender.
CTRL+KOMMA of CTRL+SHIFT+KOMMA: Ga/spring naar de vorige afspraak.
CTRL+PUNT of CTRL+SHIFT+PUNT: Ga/spring naar de volgende afspraak.
CTRL+E: Zoek naar een bericht (of een deel ervan).
ESC: Wis het huidige zoekresultaat.
CTRL+ALT+A: Breidt de zoekfunctie uit naar "Alles", afhankelijk van waar je in staat.
( Dus sta je in mail, worden alle mails doorzocht, sta je in de kalender alle afspraken enzovoorts )
CTRL+SHIFT+F: Gebruik geavanceerd zoeken.
CTRL+SHIFT+P: Maak een nieuwe zoekmap aan.
F4: Zoeken naar tekst binnen een item dat al open staat.
CTRL+H: Zoek en vervang tekst, symbolen of de layout van een tekst binnen een geopend item.
CTRL+ALT+K: Vergroot het zoekgebied naar alle items in de huidige map.
CTRL+ALT+Z: Vergroot het zoekgebied om ook alle onderliggende submappen mee te nemen.

Indien de lezer van dit artikel hier nog aanvullingen voor weet, kunnen die worden toegezonden per e-mail.
Na controle van de werking zal dit artikel dan direct worden aangepast.

 

 

Disclaimer: Er is geen enkele garantie voor het gebruik van de bovenstaande informatie. Het publiceren/uitvoeren van deze tekst is geen enkele garantie en dient altijd vooraf goed bekeken te worden. Het volledige risico van het gebruik van deze tekst is voor de lezer(es)/gebruik(st)er. Schade veroorzaakt door acties naar aanleiding van dit artikel, of claims in elke vorm, kunnen dan ook niet behandeld worden. De webmaster van deze site waarborgt niet de accuraatheid en volledigheid van de inhoud van deze webpagina's. Elke vorm van aansprakelijkheid wordt uitgesloten.

 

 

Tuesday the 20th, October 2020. All rights reserved.. // Oostdam WebDesign